Wat is de Regionale Energiestrategie (RES)?

Er wordt veel gesproken over RES hetgeen slaat op Regionale Energiestrategieën die in vele regio’s van Nederland worden ontwikkeld teneinde het gebruik van fossiele brandstoffen zoveel als mogelijk terug te dringen. Zo ook in de provincie Utrecht en Noord-Holland. Deze laatste publiceerde eind 2019 de volgende tekst:


In Nederland spraken we maatregelen af in het Klimaatakkoord. We gaan met elkaar de CO2-uitstoot sterk verminderen: in 2030 met de helft ten opzichte van 1990 en in 2050 met 95%. Zo voorkomen we dat de aarde met meer dan twee graden Celcius opwarmt en we overal serieuze problemen krijgen. Om maatregelen uit het Klimaatakkoord te realiseren hebben overheden, inwoners, bedrijfsleven, netbeheerders, energiecoöperaties en maatschappelijke organisaties elkaar nodig. Energietransitie houdt niet op bij de gemeentegrens. Daarom werken al deze partijen samen aan een Regionale Energie Strategie: de RES. Dat gebeurt in 30 energieregio’s in Nederland, waaronder energieregio Noord-Holland Zuid.

Bekijk de animatie: wat is de Regionale Energiestrategie? Informatie:http://www.energieregionhn.nl www.energieregionhn.nl

Animatie: Studio Duel in opdracht van Nationaal Programma Regionale Energiestrategie.

Emil Ludenbijeenkomst 2019

Op vrijdag 11 oktober 2019 opende Frits van Dulm de bijeenkomst  van Tussen Vecht en Eem in de Burgerzaal van het oude Stadhuis te Naarden, waar een grote groep geïnteresseerden bijeen was voor de uitreiking van de Emil Ludenpenning 2019 aan Piet Bakker. De redenen voor de uitverkiezing van Piet Bakker zijn, samengevat, dat hij op bijzonder en belangrijke wijze, met grote kennis en inzet, heeft bijgedragen aan de kennis over en behoud van natuur en erfgoed in het Gooi waarbij hij in zijn werk, zijn vele adviezen, publicaties en lezingen juist ook aandacht heeft gevestigd op de waarden van de natuur in relatie tot de cultuurhistorie.

Zie voor een verslag: https://www.tussenvechteneem.nl/emil-ludenbijeenkomst-2019/ en voor een video-impressie: https://www.youtube.com/watch?v=bWWDCsU4aGY

Windmolens en zonnepanelen in de Vechtstreek

Naar aanleiding van de Spaar het Gein-actie: geen “mega-windmolens in ’t Gein”, heeft de Vechtplassencommissie (VPC) opnieuw een standpunt geformuleerd over dit onderwerp.

De VPC steunt het standpunt om geen windturbines toe te staan midden in de polder Baambrugge-Oostzijds.

Het VPC-beleid t.a.v. windturbines is verder te vinden op de website www.vechtplassencommissie.nl. Dit standpunt lijkt op dat van Spaar het Gein met dit verschil dat de VPC voor potentiële locaties van windturbines – die overigens niet worden uitgesloten als toekomstige noodzakelijke bron van energie – al wel enige algemene randvoorwaarden heeft geformuleerd. Voor het opwekken van de noodzakelijke energie in het VPC- werkgebied (dat o.a. het Gein-gebied behelst) zijn deze randvoorwaarden op dit moment:

  • eerst zonne-energie (onder voorwaarden)
  • als windenergie redelijkerwijs daadwerkelijk onafwendbaar is dan o.a.:
    • uitsluitend op ecologisch verantwoorde locaties
    • landschappelijk: bij voorkeur aansluitend bij reeds bestaande windturbines, in clusteropstelling en op of nabij bedrijven- en industrieterreinen.

Het landschap staat in toenemende mate onder druk. Zie de ingezonden brief in de Volkskrant van 9 december 2019 “Ons landschap is van niemand meer”. De Vechtplassencommissie wil ook cultuur- en natuurlandschappen zoveel mogelijk vrijwaren van onnatuurlijke elementen. Wat is het maximale laadvermogen van het landschap? De randvoorwaarde “geclusterde opstelling” bewerkstelligt dat er “lege” perspectieven kunnen overblijven.

Een toetsing aan het VPC-beleid levert op dat windturbines in de eerder genoemde (lijn)opstelling zuidelijk van de rivier het Gein volgens dit beleid ongewenst is.


Emil Luden-penning-2019

De Emil-Ludenpenning wordt dit jaar uitgereikt aan: Piet Bakker.

Deze heeft op een bijzondere en belangrijke wijze bijgedragen aan de kennis over en het behoud van natuur en erfgoed in Gooi en Vechtstreek. Hij heeft daarbij in zijn werk, zijn vele adviezen, publicaties en lezingen aandacht gevestigd op de waarden van de natuur in relatie tot de cultuurhistorie.

De Emil Luden-lezing wordt gegeven door prof. dr. Hans Renes, hoogleraar faculteit Geowetenschappen Universiteit Utrecht en hoogleraar Erfgoed en Ruimte Vrije Universiteit Amsterdam.

De muziek wordt dit jaar verzorgd door Annoesjka Cabo (viool) en Amerentia van der Kooij (altviool).

De bijeenkomst vindt plaats op vrijdag 11 oktober 2019 om 20.00 uur in de raadzaal van het oude Stadhuis te Naarden, Marktstraat 22, 1411 EA Naarden. Inloop 19.30 uur.

Als u aanwezig wilt zijn, wordt u verzocht u vóór 9 oktober a.s. op te geven bij de secretaris van de Stichting Stad en Lande van Gooiland: secretaris@erfgooiers.com

Ton Stork Vechten voor de Vecht-penning 2019 uitgereikt aan Adriaan van Doorn

Wat is de Ton Stork Vecht voor de Vechtpenning? En wie verdient hem dit jaar?

De Vechtplassencommissie reikt eens in de twee jaar de Ton Stork Vechten voor de Vechtpenning uit aan iemand die zich bijzonder heeft ingezet voor de kwaliteit van de Vechtstreek. De Vechtstreek is van grote waarde en een beschermer daarvan is een penning waard. Nu twintig jaar geleden heeft Elisabeth Varga voor de VPC een penning ontworpen in de vorm van een waterlelieblad met daarin de bekende tekst van één van de eersten die de waarde van de Vecht onder woorden bracht: Constantijn Huygens. Hij schreef vanuit Den Haag aan zijn Vechtvriend Johan Huijdekoper, die ‘Heer van Maersseveen’ was:

Ick sit op Hofwijck, staegh aen Goudestein, en denk, en vliede van mijn’ Vliedt om voor uw’ Vecht te vechten

De eerste penning werd in 1999 uitgereikt aan Ton Stork, de scheidend voorzitter van de VPC. Vandaag mogen wij de (11e) penning uitreiken.

Het is de moeite waarde om nu na 20 jaar de eerdere winnaars even kort langs te lopen:

Als eerste dus Ton Stork (1999) – een architect en bevlogen landschapsbeschermer, onvermoeibaar op vele fronten in touw voor de streek

Daarna Anthony Lisman (2001) – een buitenplaatsbewoner met ongeëvenaarde kennis van en liefde voor de landgoederen langs de Vecht

Vervolgens Edward & Sally Munnig Schmidt (2003) – sprak ik bij Anthony Lisman van ongeëvenaarde kennis? Met uitzondering dan van deze winnaar(s) in 2003, vele jaren hoeders van het oudheidkundig genootschap Niftarlake

Ineke Dukes (2005) – een voormalige Ridderhofstadbewoner – Oudaen – die dat huis niet alleen restaureerde maar ook op de bouwgeschiedenis promoveerde en haar grote kennis met alle Vecht-organisaties deelde

Hermine Kalf (2007) – ‘een jonge moeder’ uit Weesp die de spil werd van het regionale en bijna landelijke verzet tegen de geplande doorsnijding van een gaaf polderlandschap door de A6-9-verbinding in de noordelijke Vechtstreek

Bertus Averesch (2009), een projectontwikkelaar – niet onze natuurlijke vrienden – die zijn nek uitstak bij het vormgeven van OpBuuren bij Maarssen

Tjebbe de Boer (2011), jarenlang voortrekker van de Vereniging Spaar het Gein die dit deel van de Vechtstreek voor veel onheil heeft behoed en daarmee de naam van de vereniging eer aandeed

Hans van Bemmel (2013), gedreven kracht achter het Vechtstreekmuseum in Maarssen met grote kennis van de grote broer van de Vecht, het A’dam Rijnkanaal

Juliette Jonker-Duijnstee (2015), wie kent haar niet als enthousiaste onderzoeker van en schrijver over onderwerpen die het hart van de Vechtstreek raken (recent nog over Sterke Vrouwen in de Vechtstreek)

Wim Weijs (2017), waar de echte bijbel tenminste 4 evangelisten als auteurs kent, heeft de Vechtbijbel 1 duidelijke hoofdauteur, de initiator en schrijver van het inmiddels zo goed als uitverkochte Natuur en Landschap van de Vechtstreek

Wat laat dit overzicht van laureaten zien? 4 vrouwen en 7 mannen; 3 uit de noordelijke Vechtstreek, 6 uit het midden en 2 uit het zuiden; tot dusver een redelijk evenwicht; maar ook een sterke aandacht voor architectuur en landschap; pas in 2017 werd er met de keuze voor een laureaat dieper ingegaan op de natuurlijke aspecten van het landschap, zij het nog vormgegeven ‘van achter het bureau’.

In de geschiedenis van de Vechtplassencommissie speelt echter ook het ‘veldwerk‘ een grote rol. Een belangrijk onderdeel van de VechtplassenCommissie was lange tijd de Inventarisatie-commissie waar gedenkwaardige leden van de VPC hun werk voor de Commissie begonnen zijn (Roel de Wit, Piet Bakker, Luuc Mur en vele anderen) en waar bijzondere publicaties uit zijn voortgekomen. In de laatste decennia zijn de leden van de Commissie weer wat meer achter het bureau te vinden, ook al gaat dat nog steeds gepaard met kennis van de lokale en regionale situatie. Maar het echte werk aan het landschap wordt verwacht van overheden, particuliere eigenaren en vrijwilligers. En deze laatste groep verdient extra aandacht want dat werk wordt vaak in stilte verricht maar speelt een essentiële rol in het stimuleren en aanvullen van overheden en eigenaren in de zorg om het Vechtlandschap. Denk maar eens aan de karakteristieke knotwilgen langs de Vechtdijken die om de zoveel jaar naar ‘de kapper’ moeten om in leven te blijven. Velen zullen zich niet realiseren wie dat verzorgen: de gemeente, het Waterschap of de particuliere grondbezitter, of…?

Sinds 2009 is een groep vrijwilligers actief geworden in het gat dat de eerder genoemde partijen lieten liggen. Zorg om onvoldoende onderhouden wilgen en andere bomen langs de Vecht, bracht een aantal vrijwilligers samen die de werkgroep Werk aan de Vecht oprichtten. Geïnspireerd door het VPC-project Vechtoevers, zien en gezien worden, zijn zij aan de slag gegaan met het uitvoeren van landschappelijk onderhoud langs de rivier de Vecht, bijvoorbeeld door struiken te snoeien, bomen te knotten en rietlandjes te maaien. Het werkterrein omvat de gehele loop van de Vecht, van Utrecht tot Muiden. Het is veel werk om de kenmerkende oevers, de parken bij de buitenplaatsen en de hoogstamboomgaarden bij de boerderijen te onderhouden. En de subsidiemogelijkheden zijn beperkt. Enthousiaste vrijwilligers zijn daarom onmisbaar.

En er is een man die in deze tienjarige geschiedenis een even onmisbare als belangrijke rol heeft gespeeld in de groei en bloei van Werk aan de Vecht. Een bewoner van een van onze Vechtdorpen, in het dagelijkse leven bekend als ‘hommel-specialist’ – en hommels zijn van groot belang als bestuivers van groente-, fruit- en zaadgewassen – en daarmee ook van ons landschap. Hij is ook actief als tuinvogelconsulent voor Vogelbescherming, als dagvlinder-onderzoeker voor de Vlinderstichting en zelfs sprinkhaan-inventarisaties vallen onder zijn brede belangstelling. Maar bovenal is hij inspirator en coördinator van de knotgroep Werk aan de Vecht.

U heeft natuurlijk al lang geraden: de laureaat van 2019 kan niemand anders zijn dan Adriaan van Doorn!