![]() |
|||||
|
motto 1 |
|||||
|
Dé cultuurhistorische betekenis van de Vecht is het fraai bouwen aan dit buitenstedelijk water. Ook vandaag kan dat nog en zou dat, als vechtse handelswijze, bij kunnen dragen aan identiteit. De vraag is dan: waar? hoe? De Vecht heeft, geënt op de ondergrond, altijd een soort ontginningsstrook en ontsluitingssysteem gekend. Binnen deze strook is een korrelvormige variatie zichtbaar: landgoederen en buitens op grote groene korrels; boerderijen met hun erf; arbeiderswoningen met kleine tuintjes; woningen voor beter gesitueerden met grote tuinen. De kwaliteit van de Vecht zit in de diversiteit van deze korrels; de ritmiek en het feit dat er veel ontwerp- inzet aan is besteed. Essentieel is de verhouding van het (groene) grondvlak met de bebouwing en de tussenruimtes tussen verschillende korrels. Door deze systematiek te bestuderen kunnen spelregels voor nieuwe toevoegingen worden gedefinieerd. De Vecht is gevoelig. Maar het is interessant de omdraaiing te maken. Is er een toeëigeningsvorm van de Vecht denkbaar waardoor de Vecht er op vooruit gaat? Kunnen bouwlocaties naar de Vecht worden gelokt en daar worden omgevormd tot een eenentwinstigste-eeuwse voortzetting van fraai bouwen aan de Vecht? Bouwen aan de Vecht gaat ook over planten. Bouwen heeft altijd samengehangen met de individuele boom, de haag, de slootinsteekbeplanting en de tuin met grasveld en hortensia. Samen met het bouwwerk ontstaat daardoor een complexe ensemble-kwaliteit die de vechtse sfeer geeft. Bouwen is planten; planten is bouwen. |
|||||
|
33 |
|||||