<- Previous   First   Next ->
84PAGE6.5_111102-72dpi23-00.jpg

besteken’; een voorbeeld van een ‘vechtse’ manier van handelen. En ook het snoeien van de bitterling is nog altijd actueel. Ook al is er geen jaagpad meer, nu is in feite het uitzicht argument om de snoeischaar te hanteren. Het is dus opnieuw tijd voor een brief!

‘Bitterling’, het woord waarover de Watergraaf in zijn brief spreekt, sloeg waarschijnlijk op de bittere wilg (Salix purpurea). Gedurende lange tijd werd deze als oeverbescherming gebruikt. Werd dat niet gedaan, dan brokkelde de oever af en werd de waterloop ondieper. De wilg moest wel worden gesneden, anders groeide de oever dicht. Dat zou het gebruik van het jaagpad bemoeilijken. Langs de huidige Vecht toont zich de bitterling tegenwoordig in zijn uitgegroeide gedaante. Het jaagpad heeft zijn functie verloren; de bitterling wordt niet meer gesneden. Maar deze oeverbescherming, samen met de dakpanstapeling zo karakteristiek voor de Vecht, heeft feitelijk ook nu nog een toepassings- mogelijkheid, want het probleem van de afkalvende oever bestaat nog steeds. De natuur- lijke, beschermde oever kan dus een Vechtse gedaante krijgen door hem met ‘bitterling te

84PAGE6.5_111102-72dpi23-01.jpg

23

<- Previous   First   Next ->