<- Previous   First   Next ->

Wandelen


De Vecht is, zo blijkt uit oude prenten, een flaneerrivier. Maar gegeven de potenties van de Vechtstreek is het er voor wandelaars slecht toeven. Er zijn weinig doorgaande verbindingen, strikt voor wandelaars, en er is geen sprake van een netwerk van paden. Maar juist wandelen is een hele lichtvoetige, laagdrempelige en goedkope manier om de (cultuurhistorische) schoonheid van een gebied te ervaren. Met weinig grondbeslag en weinig investeringen kan het bestaande landschap ‘genoten’ worden. Er is een bestaand ‘wandelprogramma’. Er zijn enkele lange-afstandswandelroutes door het Vechtplassengebied uitgezet. Noodgedwongen zijn deze gecombineerd met auto- en fietsverkeer langs de Vecht. Ook zijn er schaarse mogelijkheden om de barriëre A2/spoorlijn/kanaal door te steken.

Denkend vanuit bestaande routes ontstaat een prioriteitenvolgorde om bijvoorbeeld het jaagpad in ere te herstellen en slimme koppelingen door nieuwe bruggen aan te brengen. De groei van het inwoneraantal van de regio Utrecht en Amsterdam zal de recreatieve druk op de Vechtstreek doen toenemen. Met name vanuit Leidsche Rijn bestaat via de Haarrijn een verrassende verbinding met het Vechtplassen- gebied. Op lokaal niveau is er, afgezien van enkele opengestelde landgoederen, geen sprake van een uitgebreid netwerk. Daarom is het maken van kleine en grotere rondjes moeilijk. Ook daar is actie nodig (zie: ‘boerenpad’) . Met relatief weinig inspanning is zo een uiterst interessant Vechtnetwerk mogelijk. Dat netwerk definieert tegelijk een aantal nieuwe lucratieve punten voor uitspanningen.

84PAGE6.5_11110-72dpi108-00.jpg

[ uit: de Vechtstroom Rademaker, A. 1794 ]

Boerenpad - Fietsen - Oeververbinding Uitspanning - Vechtprofiel

108



<- Previous   First   Next ->